Tegenover

de kleur van zijn schoenen is hier en daar
weggepoetst, een grauwe sluier gestikt
over zijn spijkerbroek.
hij is nog niet zo stijf als de zwarte tas op de stoel
naast hem, al heeft hij wel de onderarmen van een vader.

in de treintunnel pulseert zijn trouwring
in gelijke afstanden onder kille lampen.
het is vrijdag, eigenlijk etenstijd
hij drinkt een halve liter uit blik
met een horloge rond zijn pols.

leest het onderwijsblad en de knipselkrant in fotokopie.

het overhemd is stevig dichtgeknoopt. een aangelijnd patroon
van een nacht buiten de stad, turkoois, heldere hemel,
zachte eierschaal op goedkoop wit katoen
en een vlezige romp. bij ademen blijft hij rechtop,
al krommen zijn schouders.

niemand weet dat hij eens onbehoorlijk
was verliefd, zelfs een deel van hem niet meer.
ze was niet knap, hij keek graag
naar de zoom in haar rok, krijtvlekken langs haar
linkerhand. tijdens proefwerken hield ze de knieën
bij elkaar in poederachtige kousen,
las ze een krant met plastic koffie en zoute drop.

nu geeft hij economie en traagheid
begint te zakken uit zijn kaken.
misschien is het haar al wat grijs, misschien
wat stoffig in de zon. zichzelf waande hij heimelijk
romeins, al drukken zijn dunne trekken zich teveel samen,
schijnen stoppels door en boven zijn lippen
plooit huid zich te scherp en smal.

Reacties:

Vincent:

Mooi :)

maarten:

zeer knap.










Info onthouden?






alles © saskia waterman